Maandelijks archief: december 2013

Harder dan mijn gedachten (bouw wellness 4)

Op de bouw klinkt lawaai, natuurlijk. Zo ook op onze bouw van mijn wellness resort aan huis, ook wel mantelzorgunit genoemd. Een bijzonder eigenaardige titel. Moet de mantelzorger hierin gaan wonen?

Wij hebben ervoor gekozen om tijdens de bouw in ons huis te blijven wonen en niet een paar weekjes op vakantie te gaan. Het gaat wonderbaarlijk goed. Alles loopt op schema er gaan geen dramatische dingen mis, de bouw vordert gestaag.

De start van elke bouwdag wordt gekenmerkt door de radio. Om klokslag 7:15, iedere ochtend. Direct daarna gevolgd door iets dat immens veel lawaai maakt. Een drilboor, slijptol, freesmachine. Op de radio hadden we gerekend en die staat lang niet zo hard als wij vreesden, maar die machines! We kunnen elkaar niet meer verstaan, ook niet als we schreeuwen. We horen de telefoon gelukkig niet eens overgaan, want een gesprek is toch niet mogelijk. Mijn vriend kan nog dagelijks even ontsnappen door een boodschap te gaan doen en vindt het zelfs relaxed dat hij kan gaan werken. Ik zit de hele dag aan de andere kant van het houten schot in onze kamer en ben oprecht blij als het rolstoelvervoer er is om me naar het ziekenhuis te brengen. Even weg van het lawaai. In het ziekenhuis gaat alles voor de verandering zonder al teveel uitlooptijd en ik ben thuis voordat de bouwers naar huis zijn.

Ik zit weer achter het schot in de kamer. De bouwradio staat nog steeds aan, de bouwers schreeuwen en het lawaai van de machines gaat harder dan de telefoon, harder dan mijn stem, harder dan mijn gedachten.

Advertenties

Vroeg, koud lawaai (bouw wellness 3)

Ze beginnen vroeg. Elke dag weer. Om 7:15 zetten ze een grote bouwlamp aan en richten die recht op ons slaapkamerraam, de radio gaat aan en ik hoop dat ze vervolgens oorbeschermers opzetten, want dan maken ze toch een lawaai! Elke dag denk ik dat dit de laatste keer is, want nu hebben ze toch wel alles geboord en gedrild wat er te boren en drillen valt? Maar elke ochtend weer is er wel iets te doen dat veel herrie maakt.

Steeds weer blijkt dat ik niets van bouwen weet. Tot aan hun eerste pauze om 9:00, maken ze waanzinnig veel lawaai, daarna hebben ze alleen nog klusjes die je nauwelijks hoort. Er zal wel een logica inzetten, maar die ontgaat me volledig. Als ze praten, dan is dat met veel volume, schreeuwen dus. Dat verbaasd me niets, want ze zullen best gehoorschade hebben opgelopen van hun eigen lawaai. Als ik bouwer was, dan zou ik pas na de lunchpauze beginnen met lawaai en met de radio. Daar heb je vòòr die tijd toch helemaal geen zin in?

Gelukkig ontgaat me het meeste van hun activiteiten en gaat de bouw heel erg snel. Er is een schot in onze kamer gezet, om stof en kou tegen te houden. De buitenmuur is er voor een groot gedeelte uit. De houten platen stralen kou af en ik had er eigenlijk geen rekening mee gehouden dat de bouwers ook binnen moeten zijn. Natuurlijk moeten ze binnen zijn om water en elektra aan te sluiten. En dus zit ik ook aan mijn kant van het schot in de kou en de loop van de mannen. Een deur dichtdoen heeft op onze bouwplaats weinig zin omdat er nog geen glas in de ramen zit, maar aan mijn kant van het schot heeft dat wel zin.

We hebben heel veel foto’s gemaakt van de bouw, het schot dwars door de kamer, het ontbreken van stukken buitenmuur en ramen. Deze foto’s wil ik gaan bundelen in een album. Als afschrikmiddel voor als we ooit nog eens plannen hebben om te verbouwen.

2013-11-21 15.55.44

De bouw van mijn wellness bad- en slaapkamer (2)

Beste Sint, ik begrijp het best als u ons huis stilletjes voorbij gaat. Het is hier een onvoorstelbare puinhoop, want we zitten midden in een verbouwing. Dat is geen supergroot cadeau van u, dat is bittere noodzaak. Een bad- en slaapkamer op de begane grond, naast onze woonkamer.

Ik begrijp best dat u dit niet voor ons kunt betalen. De gemeente betaalt deze ‘mantelzorgunit’ ook niet en zelfs subsidieverstrekkers haken af. We zijn namelijk in de afgelopen jaren te lief geweest en hebben braaf gespaard, genoeg om het zelf te kunnen betalen. De hypotheekverstrekker daarentegen vindt ons juist weer niet braaf genoeg, of het ligt aan de veranderde regels. Hoe dan ook, daarvan krijgen we ook niets.

Wij hebben onze dromen, waarvoor we spaarden, voor even laten gaan, onze spaarvarkentjes stukgeslagen en de aanbouw betaald.

Beste Sint,  nu is ons geld op, maar de Piet die bouwt wil steeds wat extra centen zien. Hij noemt dat ‘meerwerk’. Hij heeft wel steeds gelijk, maar wij hebben geen spaarpotjes meer.

Zou u ons een gevuld spaarvarkentje cadeau willen doen?